“Als jullie de pyjama aanhebben, dan mogen jullie even televisie kijken,” hoor ik mijn vrouw zeggen.
“Nee,” zeg ik, iets te hard, zonder haar echt aan te kijken.
“Lieverd, ze doen het zo goed, en dan kan jij even de tafel dekken en ik kan even borstvoeding geven.”
Het is zomervakantie en de kinderen hebben net een zusje gekregen. Regels zijn moeizaam te handhaven; we zoeken naar een nieuwe structuur. We hebben de regel dat we alleen op vrijdagavond tv kijken. En iets in mij weet: als ik nu toegeef, maak ik het straks moeilijker.
Het maakt niet meer uit. Mijn dochter is boos en raast op de slaapkamer.
Terwijl mijn vrouw naar haar toe gaat om haar te troosten, ruim ik de vaatwasser uit. Overtuigd van mijn gelijk om structuur te handhaven, denk ik na over mijn eigen schermgebruik. De laatste dagen zit ik veel meer dan anders op mijn telefoon.
Alle lieve berichtjes van mensen die ons feliciteren met de geboorte probeer ik te beantwoorden, en soms blijf ik wat langer hangen dan gepland op de socials.
Onlangs spiegelde m’n dochter me: met een houten plankje deed ze net alsof het een mobiel was waarop ze moest ‘werken’.
Ik heb spijt van mijn iets te korte reactie.
Als ik de laatste kopjes in de kast heb gezet, hoor ik dat het rustig is op de slaapkamer.
“Sorry, schat, papa was iets te hard.”
Twee Bambi-ogen kijken me verbaasd aan. Ik ga naast haar zitten, op mijn knieën.
“Weet je, lieverd, papa is gewoon een beetje bang.”
Ze kijkt me onbegrijpend aan.
“Vind je dat papa de laatste tijd veel op zijn mobiel zit?”
Er komt een instemmend knikje.
“Papa vindt het soms ook moeilijk om niet op zijn scherm te zitten. En papa ziet elke dag pubers die soms wel negen uur per dag op hun scherm zitten te scrollen. Papa weet dat het moeilijk is om er niet op te kijken. Snap je? Het is moeilijk, want natuurlijk willen we dat jullie soms tv kijken. Het is immers leuk. Maar we willen niet dat het uit de hand loopt, en je weet hoe moeilijk het soms is om dat ding uit te doen.”
Weer een instemmend knikje.
“Dat vindt papa ook.”
Even is het stil.
“We kunnen toch gewoon vrijdag-tv-afspraak doen, net als altijd,” zegt ze opeens.
Ik ben verbaasd door een plotselinge wending die weerkaatst als een spiegel.
“En papa en zijn mobiel dan?” vraag ik. “Ik moet wel wat vaker op m’n mobiel kijken voor regeldingen.”
Even is het stil.
“Snap je, lieverd? Sorry dat ik zo streng was. Ik hou van je.”
Dan gebeurt er iets. Ze denkt even na, slaakt een diepe zucht en kijkt me recht in de ogen.
“Nou papa, of je nou streng bent of niet…”
Er valt een mini-stilte. Dan kijkt ze me nog indringender aan.
“Ik hou van je.”
De tranen springen me in de ogen. Wat zijn kinderen goed in hun ouders opvoeden.
Diep vanbinnen huiver ik voor haar puberteit – voor de lessen die ze me dan gaat leren.


Plaats een reactie