Stilte in de wachtkamer

In de wachtkamer komt een oude vrouw binnen. Ze is ruim over de 80 en volgens mij nog scherp van geest. Ze loopt met krukken en draagt een gehoorapparaat. Achter haar volgt haar assistent: een fitte man van rond de 40, in sportschoenen. Zijn tongval doet vermoeden dat hij uit de Hoorn van Afrika komt, misschien Ethiopië of Eritrea.
Zijn schoenen lijken niet gemaakt voor het rustige tempo van de vrouw, maar hij past zich moeiteloos aan. Hij houdt haar goed in de gaten en gaat rustig naast haar zitten.
Als de vrouw wordt opgeroepen door de assistent, blijft hij zitten. Tien minuten later komt ze terug.
‘Bent u klaar?’ vraagt de man vriendelijk.
‘Nee, ik moet zo nog naar de dokter’, zegt de vrouw, iets kortaf, maar waarschijnlijk zonder het zo te bedoelen.
Ze gaat zitten op een stoel in de wachtkamer — zoals je hier vaak ziet, met een lege stoel tussen hen in.
De man haalt routinematig zijn telefoon tevoorschijn. De vrouw kijkt een tijdlang zwijgend naar een punt in de verte.
Na een minuut of tien legt hij zijn telefoon neer.
‘Stond er nog wat nieuws op?’ vraagt de vrouw.
‘Wat?’ zegt de man, niet meteen begrijpend.
‘Of er nog nieuws was op die mobiel van je?’
De man glimlacht.
‘Nee, ik keek naar auto’s. Ik wil graag een automaat, maar ze zijn zo duur.’
‘Oh.’
Even later: ‘Ga je een nieuwe auto kopen?’
‘Nee, ik keek alleen. Ze zijn te duur.’
‘Oh ja’, zegt de vrouw.
Stilte.
Ik wil weten hoe hun levens eruitzien. Hoe een Afrikaanse man op een dag assistent werd van een Zweedse vrouw op leeftijd. Hoe hij hier terechtkwam. Wat zij in haar leven heeft meegemaakt.
Ik zou willen vragen waar ze van dromen, wat ze missen. Hoe de geschiedenis hen bij elkaar bracht. Wat zouden ze eigenlijk van elkaar weten?
Maar ik zeg niets.
De vrouw verdwijnt langzaam door de gang.
De man kijkt even op, dan weer naar zijn scherm.
Stilte.

Posted In ,

Plaats een reactie