Sinds ik kinderen heb, overkomt het me dikwijls: cute aggression — ook wel gigil. Dat hardnekkige instinct waarbij je een onweerstaanbare drang voelt om iets schattigs stevig vast te houden, zelfs liefkozend te bijten. Oftewel: ik kan je wel opeten.
Mijn vrouw heeft hier geen last van. Waarmee maar weer bewezen is dat haar bovenkamer verder ontwikkeld is dan mijn dierlijke kwabben.
Sinds kort ben ik opnieuw vader van onze derde; een pracht van een dochter. Eerlijk is eerlijk: die eerste fase — de porseleinfase — vind ik altijd een beetje lastig. Alles voelt zó breekbaar dat ik bij elke beweging schrik. Ik schuifel als een luiaard door het huis en op de bank moet ik mezelf tegenhouden om haar geen veiligheidsriem om te doen. Als ze hard huilt, kom ik met enige tegenzin overeind om haar al ijsberend te troosten, onzeker sussend. Na een paar minuten kijkt mijn vrouw me aan: einde oefening. De natte plekken op haar shirt zeggen wat zij allang hoorde: honger.
Na de porseleinfase komt de gigil-fase. Als ik nu met mijn jongste op schoot zit en naar haar kijk, doet ze iets waardoor mijn speekselklieren aanslaan. Eerst vangt ze mijn blik. Ze houdt die vast, alsof ze zeker wil weten dat ze me heeft. Dan knippert ze — plagerig, even de spanning ophoudend. En dan volgt het grote offensief: de lach. Onweerstaanbaar.
Als bij een jonge boxerhond beginnen mijn ledematen te tintelen. Ik móét deze dame knuffelen en — heel even — liefkozend bijten. Ik kijk om me heen, geen publiek. Nee. Ik twijfel. En zwicht dan toch.
Ik buig voorover en hap haar heel zachtjes in haar wangetje, lippen over mijn tanden, zonder kracht. Ze aait mijn wangen, alsof ze me terug wil knuffelen. Dan kijk ik haar aan; ik meen heel even een knipoog te zien.
Dan komt mijn vrouw binnen. “Hé, niet opeten hè?” zegt ze lachend. Mijn blik — jonge boxer, natte snuit — gaat van mijn vrouw naar mijn dochter. We kijken elkaar lachend aan. “Nee. Ik bewaar haar voor een andere keer.”
Mini-disclaimer: Alleen knuffelhapjes. 0% tand, 100% wang. Geverifieerd door Moeder™.


Plaats een reactie